helpen – leren – inspireren – pelgrimeren

Gelezen – ‘Santiago Here we go!’

Boek Santiago Here we go (klein)In een forum op internet zie ik een boek langskomen dat de woorden ‘tieners’ en ‘Santiago’ in de titel blijkt te hebben. Tot mijn grote verrassing blijkt het te gaan over een gezin uit België dat in 2010 vanuit Oostkamp naar Santiago is gefietst. Het gezin bestaat uit Wim en Ria Demey en hun twee tienerdochters Kathleen en Hannelore. Dat zie of hoor je niet vaak, tieners op de fiets naar Santiago. Lezen dus!

Santiago, No Way!

Wim neemt je in het boek mee op reis, vanaf het ontstaan van het idee tot aankomst in Santiago en hun uitstapje naar Finisterre (niet met de fiets, maar toch). Dat doet hij uitgebreid en zoals alleen een ‘native’ Belg dat kan. Soms is hij wat te uitgebreid naar mijn smaak, maar altijd bijzonder voor ‘d’n Ollander’ om te lezen hoe Belgen met de op het oog zelfde Nederlandse taal omgaan. Het is wel het verhaal van Wim, zoals het zijn plan was om naar Santiago te gaan fietsen. Ik zou wel eens willen weten hoe die twee meiden het hebben gevonden, maar dan niet uit de pen van Wim.

De twee tieners lijken het plan van hun vader te adopteren naarmate de kilometers onder de wielen doorgaan. Waar hun eerste reactie op het plan een ‘No way’ was, raken zij getraind en kunnen ze de wereld aan. Hoewel tieners er misschien niet altijd op zitten te wachten om zo lang met hun ouders op te trekken, is zo’n fietsreis de mooiste vorm van teambuilding die je je kunt bedenken. Dat is ook gelijk de extra dimensie aan het boek.

Haperende techniek

Fietstechnisch zijn de keuzes die gemaakt worden soms bijzonder te noemen. Persoonlijk zou ik geen fiets met rollerbrakes (soort trommelrem), voor- en zadelvering, standaardvelgen en -spaken of een ‘laag uitgesneden damesframe’ kiezen. Rollerbrakes worden veel te warm als je lang remt. Vering absobeert energie die je juist wilt gebruiken om vooruit te komen. Standaardvelgen en -spaken verhogen het risico op breuk als je veel bagage meeneemt of op slechte wegen fietst en een damesframe met de verkeerde geometrie is lang niet zo stabiel als bijvoorbeeld een herenframe. Een andere fietskeuze had niet per se hoeven leiden tot minder afgelopen kettingen of geen haperende versnellingen en zeker niet tot minder zware beklimmingen. Wat op technisch vlak wel geholpen zou kunnen hebben is een fietsreparatiecursus. Dat scheelt in ieder geval het gevoel van onmacht als er onverhoopt iets gerepareerd moet worden onderweg en legt wat minder de nadruk op de mobiele telefoon als oplossing voor technische problemen.

Maar goed, ze hebben het gehaald, dus wat maakt het uit. Iedereen pakt zoiets op zijn eigen manier aan, al zou ik dit boek niet gebruiken als lichtend voorbeeld van de technische voorbereiding van je fietstocht. Wat het boek wel geeft is een werkelijk schitterend beeld van waar de fietsende pelgrim mee te maken krijgt op fietsreis naar Santiago. Herkenbaar zijn: zadelpijn (niet aan gedacht), omgaan met teleurstelling als al op de tweede dag de gedroomde camping dicht blijkt te zijn, het focussen op (het teveel aan) bagage, langzaam doorsijpelende twijfel over de haalbaarheid van de tocht, de constatering dat het geen vakantie is en de inspanningen die beklimmingen vergen. En Santiago blijkt een teleurstelling. Ineens ben je geen pelgrim meer, maar toerist. Een ervaring die ook anderen niet vreemd is.

Verontwaardiging over de route

Wat me verbaast is de enkele keren opduikende verontwaardiging over de kwaliteit van de route, die lijkt af te wijken van de beschrijving. Zoals de weg in aanloop naar het klooster nabij Jaca beschreven wordt als:‘Het alternatief voor de ‘drukke’nationale weg N240, die de reisgids ons voorstelde, bleek bij nader inzien een eindeloze, nutteloze klim naar een duizend meter hoger gelegen voormalig klooster’. Wie de beschrijving van Sweerman heeft gelezen kan dat van mijlenver zien aankomen. Het staat (misschien wat omvloerst) in de routegids beschreven, is zichtbaar op de kaart en ook in het hoogteprofiel. Clemens Sweerman is daar altijd duidelijk in. Hij schrijft zijn boekjes niet om als reisgids te dienen, maar als handreiking voor fietsers die hun eigen keuzes maken. Ik zie die kritiek op Sweermans gids dan ook maar als een uiting van onmacht in het maken van keuzes.

Besmettelijkheid

Het belangrijkste leermoment voor de pelgrim in spe is ook de mooiste parafrase uit het boek: ‘vanaf het moment dat we vastpinden op een aankomstdatum, hebben we onze zorgeloosheid verpand’. De gebrekkige kennis van fietstechniek en routeplanning blijken slechts dissonanten in Wims besmettelijke verhaal.

Wie niet met het pelgrimsvirus in aanraking wil komen, moet dit boek niet lezen.